Teruggave van de BTW op zonnepanelen blijft mogelijk!

Zonnepanelen gekocht maar de BTW nog niet teruggevraagd of afgewezen? Met terugwerkende kracht nog mogelijk!  
Sinds een uitspraak van het Hof van Justitie van 23 juni 2013 is het voor particulieren die zonnepanelen aankopen mogelijk om de betaalde BTW grotendeels van de belastingdienst terug te vragen. De belastingdienst hanteerde voor het terug vragen van deze BTW een aantal spelregels. Een van die spelregels was dat de BTW op tijd teruggevraagd moest worden. Het op tijd terugvragen van de BTW betekende in de ogen van de belastingdienst dat de BTW binnen een maand na afloop van het kwartaal dat de zonnepanelen gekocht waren.
Over dit standpunt van de belastingdienst hebben zich de afgelopen jaren veel rechters gebogen.
In december 2017 heeft de belangrijkste rechter in Nederland, De Hoge Raad, een uitspraak over dit standpunt gedaan:
De Hoge Raad heeft aangegeven dat niet het moment van terugvragen van de BTW bepalend is, maar of de aangifte is gedaan voor de inleverdatum dit op het belastingbiljet staat vermeld.
Ook voor mensen die hun BTW nog niet terug gevraagd hebben, of waarvan de BTW wel is teruggevraagd, maar de aanvraag door de belastingdienst is afgewezen, zijn er nog mogelijkheden. Belangrijk hierbij is dat de aanvraag (opnieuw)  bij de belastingdienst wordt neergelegd.
Zijn de zonnepanelen aangekocht vanaf 2013, dan kan een aanvraag ook nog in 2018 bij de belastingdienst worden neergelegd.
Wilt u meer informatie? Neem dan contact met Energie Corner.

 

Uit het belastingplan 2015: 

Arrest Fuchs

Op 20 juni 2013 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) arrest gewezen in de zaak Fuchs. Op grond van dit arrest zijn particuliere eigenaren van zonnepanelen die de opgewekte energie tegen een vergoeding leveren aan het elektriciteitsnet, belastingplichtig voor de btw. Zij gelden daarmee als ondernemer voor de btw. Door het met btw-ondernemerschap gepaard gaande recht op aftrek van btw en de werking van de kleine ondernemersregeling heeft dit arrest een budgettaire derving tot gevolg. Om de derving als gevolg van het arrest te dekken, zal de vaste belastingvermindering in de energiebelasting voor WOZ-objecten met verblijfsfunctie (nu € 318,62) stapsgewijs worden verlaagd en de belastingvermindering voor WOZ-objecten zonder verblijfsfunctie (nu € 119,62) worden afgeschaft. Deze dekking uit de belastingvermindering in de energiebelasting komt bovenop de dekking voor de hiervoor genoemde uitbreiding van de vrijstelling voor zelfopwekking naar de huursector.

 

De energiebelasting en de heffingskorting  voor de energiebelasting wordt via de rekening van de energiemaatschappij verrekend. Hierbij gaat de energiemaatschappij er van uit dat er per factuur een afnemer van energie is. In de praktijk komt het vaak voor dat de afgenomen elektriciteit via tussenmeters wordt door geleverd. Hierbij kan o.a. gedacht worden aan een winkelpand met een afzonderlijke bovenwoning, een aantal kantoorgebouwen / units die een gezamenlijke energieaansluiting hebben, een bedrijfscomplex met opslagunits ed. Omdat al de afzonderlijke units recht kunnen hebben op de heffingskorting kan deze bij de belastingdienst terug gevraagd worden. De aanvraag tot teruggaaf van energiebelasting kan tot vijf jaar nadat de energiemaatschappij zijn jaarafrekening heeft opgesteld.